Van stil lijden tot de overdracht ervan:
archieven bewijzen dat de familie Washington vóór de Burgeroorlog als slaaf op een nabijgelegen plantage leefde. Hedendaagse verslagen beschrijven bijzonder harde ‘controlemethoden’, vooral tegen kinderen, om te voorkomen dat moeders hen meenamen naar de velden.
Later blijkt uit officiële documenten dat een medisch onderzoek aantoonde dat Ruth blijvende lichamelijke gevolgen en ernstige zenuwgevoeligheid had overgehouden. Ondanks dit gewelddadige verleden laten de archieven een langzaam herstel zien: James werd arbeider en later landeigenaar, Mary werkte onvermoeibaar en de kinderen leerden lezen.
Tientallen jaren later schreef Ruth een paar ontroerende regels over haar jeugd en de fotoshoot in een familiebijbel die door haar nakomelingen bewaard is gebleven: haar vader had erop gestaan dat ze allemaal aanwezig en duidelijk zichtbaar zouden zijn, omdat « deze foto langer zou blijven bestaan dan hun stemmen ».
Toen een anonieme familie een symbool werd:
dankzij Sarah’s werk en de getuigenis van een nakomeling van Ruth komt de foto eindelijk uit de anonimiteit. Het wordt het middelpunt van de tentoonstelling « De familie Washington: Overleven, wederopbouw, overdracht », een waarlijk collectief Afro-Amerikaans geheugen.
Dit portret uit 1872 toont niet langer alleen een gezin in hun mooiste kleding. Het is het bewijs dat mannen, vrouwen en kinderen na de slavernij het recht opeisten om gezien te worden als een volwaardig, waardig gezin, dat ondanks hun littekens rechtop stond.